Het weerstation van pionier Pieter

Onze Early Access Challenge daagt IoT pioniers uit om hun werkende oplossing te presenteren. In 2017 bouwde winnaar Pieter Hoenderken zijn eigen weerstation voor de agrarische sector en hij is vanaf het begin al enthousiast over IoT. Als technisch directeur bij Het Internet Huis ziet hij nieuwe mogelijkheden om IoT toepassingen ook in het buitengebied toe te passen.

Het Internet Huis is een innovatiebedrijf dat op basis van vragen van bedrijven en boeren bepaalt hoe uitdagingen met innovatieve mogelijkheden worden opgelost. Hoenderken: “We hebben niet één manier van verbinden. Dat hangt af van de functionele eis en hoeveel data er heen en weer gaat. Soms is een verbinding op basis van 4G voldoende. Op andere momenten is NarrowBand IoT de juiste oplossing om de vraag te kunnen beantwoorden.”

Noodzaak van een weerstation

Na een gesprek met een boer over hagelschade bouwde Hoenderken zijn eigen weerstation. Met de komst van een IoT netwerk is dat nu mogelijk, omdat er voorheen geen verbinding was in de weilanden. Het weerstation meet wat de lokale weersituatie is, zoals het aantal zonuren, de temperatuur en de neerslag. De gemeten weergegevens vertellen boeren meer over wat er op het land gebeurt.

“Om een voorbeeld te noemen, wij hebben een systeem waarin we monitoren of koeien buiten zijn. Stel dat ik geen weerdata zou hebben, dan kan ik er nooit achter komen hoe koeien op het weer reageren. Dat kan ik alleen maar doen op basis van de ervaring en observatie van de boer. Die weet dat als het begint te regenen dat alle koeien voor het hek staat om naar binnen te gaan. Maar je wilt niet alleen het gedrag van de koe in de gaten houden, je wilt ook gegevens hebben van het weer en van de grond.”

Open source platform van ruwe weerdata

Hoenderken onderzoekt samen met een Frans bedrijf of hij de ruwe weerdata van het weerstation als een open source platform kan aanbieden. Dat bedrijf heeft al een soortgelijk platform met daaraan gekoppeld hun eigen weerstation. Hoenderken: “Door de bevindingen van het weerstation op een open source platform te zetten kan een bedrijf dat veel weet van bijvoorbeeld ziektebestrijding van aardappelen, algoritmes maken. Op basis van die algoritmes kan het bedrijf een aardappelteler adviseren. Als je het op deze manier aanpakt, jaag je innovatie aan. Die innovatie wordt nu geremd omdat iedereen op zijn eigen data-eiland blijft zitten. Er wordt te weinig gedeeld.”

Klaar voor de volgende stap

Hoenderken is nu in contact met Achterhoek 2020 om te bepalen of ze een netwerk van weerstations in de Achterhoek kunnen aanleggen. De meetgegevens van de weerstations die zijn aangesloten op het netwerk, zijn op een open platform zichtbaar en voor iedereen toegankelijk. Zo kan een bedrijf dat adviseert in grasgroei, gebruikmaken van de openbare weerdata en op basis daarvan zijn eigen toepassing maken.

“We mikken op 40 weerstations. Men is enthousiast over het idee en ik ben aan het kijken of we een eerste pilot kunnen draaien. Tegen de hele wereld kunnen we dan roepen dat je in de Achterhoek toegang hebt tot weerdata. Achterhoek 2020 staat open voor nieuwe technologieën en in het buitengebied is iedereen op zoek naar het aantrekkelijk maken van de omgeving voor startende bedrijven. Iedereen kijkt hoe we faciliteiten kunnen aanbieden om innovatie aan te trekken.”

Er is een aantal stappen dat gezet moet worden voordat het idee van Hoenderken werkelijkheid wordt. Subsidiëring is er één van, en in hoeverre het Franse bedrijf hem de ruimte geeft om ook andere weerstations op hun open source platform toe te laten. “Als dat lukt dan is er een operationeel werkende omgeving bestaande uit 40 weerstations. Zo niet, dan moet ik het vanaf de grond gaan opbouwen. Mijn streven is om einde van dit jaar het netwerk van weerstations in de lucht te hebben.”

Dataverzameling is het nieuwe verdienmodel

In de toekomst ziet Hoenderken nieuwe verdienmodellen ontstaan dankzij IoT. “Ik denk dat het servicemodel een enorme impact gaat hebben op de traditionele verdienmodellen. Als je kijkt naar het jaarverslag van een autofabrikant zie je dat zij nu veel verdienen aan het verkopen van auto’s. Ze geven zelf aan dat ze over een aantal jaar meer gaan verdienen aan data en diensten die ontstaan dankzij die data, dan aan de auto zelf.”

“Een auto is feitelijk een rijdend datacenter. Het genereert zoveel data. Nu sturen we mensen de weg op om te kijken naar het onderhoud van de weg. Aan de hand van de ruitenwissers van alle auto’s weet je of het regent of niet. Hetzelfde geldt voor gladheid op de weg. Dit zijn zaken die je afhankelijk van elkaar in de gaten houdt maar een auto kan dit direct aan je doorgeven. De data die een auto genereert levert straks meer geld op dan de verkoop van auto’s.”

IoT is geen hype

Hoenderken vindt dat je als groot bedrijf of mkb niet moet denken dat IoT een hype is. “De ontwikkeling gaat heel hard en daarom moet je het serieus nemen. Anders word je ingehaald door de concurrent of iemand die het wèl serieus neemt.

Ik zie nog te veel bedrijven die IoT lastig vinden. Vooral kleine bedrijven moeten nu bij de ontwikkelingsfase waarin IoT zich bevindt betrokken zijn. Grote bedrijven kopen de technologie, maar als je niet de boot wilt missen, moet je er nu mee bezig zijn en de middelen ervoor vrijmaken. Misschien past het uiteindelijk niet bij je bedrijf maar je hebt het wel geprobeerd.”